Dayenne.eu

Dol dwaze avonturen van een MS-patient

15 januari 2015
door Dayenne
Geen reacties

MS met eigen cellen te behandelen?

 

Multiple sclerosis

 

 

Patiënten met multiple sclerose worden binnenkort misschien behandeld met hun eigen geherprogrammeerde huidcellen.

Myeline is de isolatielaag rond onze zenuwen die de zenuwcellen beschermt en prikkelgeleiding mogelijk maakt. Bij MS-patiënten valt het lichaam die isolatielaag aan. De beschadigingen zorgen voor de symptomen van MS en zijn onomkeerbaar.

Wetenschappers zoeken naarstig hoe ze het verlies van myeline kunnen stoppen. Zo proberen ze de beschermende myelinelaag weer op te bouwen door nieuwe myelinevormende cellen bij MS-patiënten in te planten. Tot voor kort ontbrak een geschikte bron voor zulke cellen, maar met de ontwikkeling van induced pluripotency (de methode waarbij gewone lichaamscellen worden geherprogrammeerd tot een soort embryonale stamcellen) kwam daar verandering in.

Op basis van die techniek slaagde Marcin Czepiel van de Rijksuniversiteit Groningen erin bindweefselcellen uit de huid in een kweekbakje te herprogrammeren tot voorlopercellen van myelinevormende cellen. Vervolgens kon hij bij proefdieren schade aan de myelinelaag in de hersenen ongedaan maken.

Volgens Czepiel is er nog veel meer onderzoek nodig om de behandelingsstrategie verder te ontwikkelen. Zo wil hij onderzoek doen naar genen die kunnen helpen om de ingebrachte cellen nog beter te laten overleven. Veelbelovend is alvast dat de artsen werken met patiënt-eigen cellen die niet afgestoten worden na transplantatie. (ev)

 

Bron;EOS Wetenschap

27 mei 2014
door Dayenne
Geen reacties

Wereld MS-Dag: de fabels de wereld uit.

Treat Early

28 mei is het Wereld MS-dag (MS is de ziekte multiple sclerose). Over multiple sclerose bestaan vele misverstanden en dus ook veel onbegrip. Het Nationaal MS-fonds grijpt de Wereld MS-dag aan om fabels over MS de wereld uit te helpen. Dat doet het Nationaal MS-Fonds door op deze dag de website msinbehandeling.nl te lanceren. Deze website is uniek omdat het de fabels en feiten omtrent verschillende behandelingen voor mensen met MS bespreekt en een totaaloverzicht geeft van de mogelijkheden op medicatiegebied.

De algemene onwetendheid over MS heeft onder andere tot gevolg, dat klachten van (nieuwe) patiënten pas in een laat stadium serieus worden genomen. Bovendien veroorzaakt deze onwetendheid veel onbegrip in de omgeving van MS-patienten.

Uiteenlopende klachten
Zo is een hardnekkig misverstand bijvoorbeeld dat MS een spierziekte is. Dit klopt niet, want MS is een ziekte van het centrale zenuwstelsel. Bij MS is de isolatielaag (myeline) rond de zenuwcellen aangetast waardoor de overdracht van prikkels in het zenuwstelsel verstoord kan raken. De exacte plaatsen van deze beschadigingen in het centrale zenuwstelsel bepalen de klachten waar iemand met MS mee te maken heeft. Dit kan voor een ieder met MS anders zijn. Zo kan de een last hebben van zijn of haar ogen en de ander bijvoorbeeld loopproblemen ervaren.

Diagnose MS
Vaak ervaren mensen met MS lang ‘vage klachten’, voordat ze de diagnose MS krijgen. Die ‘vage klachten’, zoals tintelingen of oogproblemen, worden vaak lang niet serieus genomen. De klachten worden niet zelden verweten aan stress of een griepje.

Neuroloog
Wanneer de stap genomen wordt om naar de huisarts te gaan, dan moet deze een doorverwijzing geven naar de neuroloog. Deze doorverwijzing wordt gegeven wanneer het vermoeden bestaat dat de oorzaak van de klachten in het zenuwstelsel ligt. Een neuroloog kan vaak na een lichamelijk onderzoek, waarbij bijvoorbeeld reflexen worden getest, en een MRI-scan de diagnose MS geven. Soms ontvangt de persoon met klachten de diagnose ‘waarschijnlijk MS’. Na wat onderzoeken kan op termijn de diagnose MS gesteld worden.

Vragen
Er komen altijd veel vragen af op mensen die net de diagnose MS hebben ontvangen. Hoe vertel ik het mijn omgeving? Kan ik nog werken? Kan ik mijn gezinsleven draaiende houden? Maar ook komt de vraag: moet ik een medicijn gaan gebruiken en zo ja, welke? Deze beslissing wordt samen met de behandelaars genomen.

msinbehandeling.nl
Deze website van het Nationaal MS-fonds geeft een eerlijk beeld van de medicijnen die nu voor MS op de markt zijn en die in een vergevorderd stadium van onderzoek zijn. Er bestaan helaas geen genezende middelen voor MS. Wel zijn er medicaties op de markt die de ziekte afremmen, een MS aanval kunnen stoppen en die symptomen kunnen aanpakken.

De nieuwe website www.msinbehandeling.nl staan vanaf 28 mei fabels en feiten over de verschillende behandelingen. Want hoe meer fabels de wereld uit zijn, hoe meer begrip mensen met MS uit hun omgeving ontvangen.

Bron: Dokterdokter.nl

20 maart 2014
door Dayenne
Geen reacties

CHOLESTEROLREMMER REMT MOGELIJK OOK ACHTERUITGANG VAN MS-PATIËNTEN

Het slikken van een bepaalde groep cholesterolverlagende medicijnen werkt mogelijk remmend op de ontwikkeling van Multiple Sclerose (MS). Statines zijn cholesterolremmers die ontstekingsremmend werken en die de bescherming van het zenuwstelsel positief beïnvloeden. Het hersenvolume van patiënten die de cholesterolremmers slikten slonk langzamer en hun fysieke beperkingen verbeterden. Dit meldt NU.nl.

Voor het onderzoek gaven onderzoekers van het University College London Hospitals een groep van 70 MS-patiënten gedurende 2 jaar de cholesterolremmer simvastatine. Zij kregen hierbij een hoge dosis, 80 miligram, van het middel. Resultaten lijken erop te wijzen dat achteruitgang door de ziekte afgeremd wordt. MS is een auto-immuunziekte. Myeline, het materiaal dat om zenuwvezels zit, wordt langzaam vernietigd en daardoor kunnen de zenuwen steeds minder impulsen doorgeven.
Uit MRI-scans bleek dat de hersenen van de deelnemers die simvastatine geslikt hadden gemiddeld met 0,3 procent per jaar krompen. Dit is opmerkelijk want “in het progressieve stadium van MS slinkt het hersenvolume jaarlijks met ongeveer 0,6 procent”, aldus hoofdonderzoeker Dr. Jeremy Chataway. Ook vertoonden de deelnemers kleine, maar significante verbeteringen op het gebied van fysieke beperkingen. 70 patiënten die 2 jaar lang een placebo slikten ondervonden deze verbeteringen niet.
Bron: Nationale Zorggids

14 februari 2014
door Dayenne
Geen reacties

TECFIDERA GOEDGEKEURD VOOR MULTIPLE SCLEROSE

Het geneesmiddel Tecfidera® (dimethylfumaraat) is door de Europese Commissie goedgekeurd voor de behandeling van patiënten met relapsing-remitting multipele sclerose (RRMS), de meest voorkomende vorm van multipele sclerose (MS). Het middel wordt in de komende weken in de eerste EU-landen op de markt gebracht door Biogen Idec, zo meldt het bedrijf in een persbericht.

Aan de EC-goedkeuring ging een langdurig klinisch ontwikkelingsprogramma vooraf, dat meerdere onderzoeken omvatte. De studies tonen aan dat dimethylfumaraat leidt tot vermindering van relapses en van het ontstaan van hersenlaesies. Ook leidt het tot vertraging van de invaliditeitsprogressie. Daarnaast toonden de studies aan dat het middel veilig is en goed te verdragen.

Vanaf september 2013 werden wereldwijd ongeveer 35.000 patiënten behandeld met Tecfidera. George A. Scangos, CEO van Biogen Idec: ‘We hebben gezien dat Tecfidera, in de landen waar dit middel beschikbaar is, een rol van betekenis speelt bij de vooruitgang van de behandeling voor MS. We zijn dan ook verheugd dat het middel nu ook in Europa is toegelaten.’

Bron: Nationale Zorggids

11 januari 2014
door Dayenne
Geen reacties

Frankrijk akkoord voor verkoop medicijn van cannabis

In Frankrijk is de verkoop van een medicijn dat is gemaakt van bestanddelen uit cannabis goedgekeurd. Het is de eerste keer in Frankrijk dat dit gebeurt. Het Franse ministerie van volksgezondheid zei donderdag dat de verkoop van Sativex is toegestaan voor de behandeling van spierspasmes die het gevolg zijn van multiple sclerose.

Sativex bevat de twee bekendste bestanddelen van marihuana: THC en cannabidiol. Op de website van het Britse GW Pharmaceuticals, de producent van Sativex, staat dat het medicijn in elf landen op de markt is en in meer dan tien andere is goedgekeurd.

Steeds meer landen versoepelen de regels voor de verkoop van aan cannabisgerelateerde producten voor medicinaal gebruik.

13 december 2013
door Dayenne
2 reacties

Vitamine D kan helpen MS te bestrijden

Recent onderzoek toont aan dat vitamine D multiple sclerose (MS) kan helpen bestrijden door te voorkomen dat destructieve immuuncellen in de hersenen terechtkomen. Dat melden onderzoekers van de Johns Hopkins University School of Medicine in de Verenigde Staten.

 “Als we het bij het rechte eind hebben dan zou deze aanpak even efficiënt als, en zelfs veiliger dan, de huidige medicijnen voor MS kunnen zijn.”

dr. Anne Gocke.

Uit voorgaand onderzoek is gebleken dat MS vaker voorkomt in landen die verder van de evenaar liggen. Op deze plaatsen in de wereld is minder zon aanwezig om de productie van vitamine D in de huid aan te wakkeren. Naar aanleiding van deze stelling onderzochten wetenschappers het effect van vitamine D op de chronische ziekte.
MS tast het centraal zenuwstelsel aan waarbij de myeline, een vettige stof die de zenuwcellen omhult, wordt beschadigd. Impulsen worden vervolgens trager of helemaal niet doorgegeven, waardoor symptomen zoals verminderende zintuiglijke gevoeligheid, wazig zicht en zelfs verlamming kunnen optreden.

Efficiënt en veilig
“Uit het onderzoek hebben we geleerd dat vitamine D kan helpen”, aldus onderzoekster dr. Anne Gocke van de Johns Hopkins University. “Niet door de werking van de destructieve immuuncellen te veranderen, maar door te voorkomen dat ze zich een weg kunnen banen naar de hersenen.”

“Als we het bij het rechte eind hebben, en we het natuurlijke beschermingsmechanisme van Moeder Natuur kunnen benutten, dan zou deze aanpak even efficiënt als, en zelfs veiliger dan, de huidige medicijnen voor MS kunnen zijn”, zegt ze.

Muizen
Immuunsysteemcellen, die T-cellen heten, worden in het lichaam van een MS-patiënt klaargestoomd om uit de lymfeknopen te gaan en vervolgens de myeline in het centrale zenuwstelsel te vernietigen. Vitamine D zou dit onderdrukken.
Dr. Gocke en haar onderzoeksteam namen de proef op de som en gaven enkele muizen tegelijkertijd MS en een hoge dosis vitamine D. Ze ondervonden dat de ziektesymptomen inderdaad werden onderdrukt. Terwijl in de bloedsomloop van de knaagdieren een grote hoeveelheid T-cellen werden gevonden, werden er slechts enkelen in de hersenen en ruggenmerg gedetecteerd.

“Vitamine D zorgt er niet voor dat de ziekte verdwijnt”, legt dr. Gocke uit. “Maar wat wel interessant is, is dat hoewel de T-cellen aanwezig zijn, ze wegblijven van de plaatsen in het lichaam waar ze de meeste schade kunnen berokkenen.”
Op het moment dat de muizen geen vitamine D meer kregen, trad de ziekte opnieuw op.

Klinische proef
Peter Calabresi, een professor in de neurologie aan Johns Hopkins University School en co-auteur van de studie, besluit dat Vitamine D een zeer veilige therapie kan zijn, maar benadrukt dat er nog steeds voorzichtig mee moet worden omgesprongen. “Het is niet alleen een vitamine, maar ook een hormoon”, aldus de professor.
De wetenschappers aan de Johns Hopkins University houden momenteel een klinische proef om het effect van vitamine D-supplementen bij MS-patiënten te onderzoeken. Ondertussen verschenen de resultaten van het huidige onderzoek al in het wetenschappelijk tijdschrift Proceedings of the National Academy of Science.

 Bron: Goed gevoel

22 oktober 2013
door Dayenne
Geen reacties

Wat is nou eigenlijk een Schub?

Van een Schub spreek je wanneer er nieuwe MS-klachten ontstaan en/of  bestaande klachten sterk toenemen, en wanneer die klachten langer aanhouden dan 24 uur.

Koorts of een infectie kunnen bestaande klachten verergeren. In dat geval kun je niet zomaar spreken van een Schub.

Veel voorkomende klachten zijn: verminderd gezichtsvermogen, vermoeidheid, stoornissen in het gevoel, minder kracht in armen of benen, stuurloosheid, moeite met toiletgang of moeite met praten.
De klachten van een Schub herstellen meestal vanzelf weer, maar dat heeft tijd nodig, variërend van dagen tot weken.

8 maart 2013
door Dayenne
Geen reacties

MS door zout gebruik?

Dat overvloedig zout niet goed is voor mensen, was al bekend. Er komt een reden bij om rustig aan te doen met het vaatje: je zou er multiple sclerose door kunnen krijgen. Liefst drie studies komen min of meer gelijktijdig tot die conclusie. Twee van die studies, gepubliceerd in het vakblad Nature, tonen aan dat te veel zout de aanmaak van agressieve cellen bespoedigt. Deze cellen keren zich tegen het eigen immuunsysteem.

In muizen die op een dieet met veel zout zijn gezet richten de cellen zo veel schade aan dat de muis een ziekte krijgt die vergelijkbaar is met MS. Volgens de onderzoekers werkt zout bij mensen precies hetzelfde.

Het gaat om de aanmaak van Th17 cellen, die normaal het immuunsysteem juist helpen. Heb je er te veel van, dan keren ze zich tegen het eigen lichaam. Een overvloed aan Th17 cellen speelt niet alleen een rol bij het krijgen van MS, maar ook bij ziektes als psoriasis, de ziekte van Crohn en diabetes.

De onderzoekers waarschuwen dat ze meer tests moeten doen voordat ze definitief kunnen zeggen dat zout MS aanwakkert. Zo moet beter worden uitgezocht welke rol een genetische aanleg voor de ziekte speelt. Ook willen ze meer onderzoek doen op mensen, in plaats van muizen.

 

Bron: Metro

8 maart 2013
door Dayenne
2 reacties

Nederlands onderzoek weerlegt Zamboni’s theorie over Multiple Sclerose

Vernauwde halsaders zouden MS veroorzaken
“Natuurlijk wil je weten of het klopt”, zegt neuroloog Lennie van den Berg van Máxima Medisch Centrum. “Als wat hij zegt waar is, kan dat een doorbraak betekenen in de behandeling van Multiple Sclerose.” Eind 2009 kwam de Italiaanse vaatchirurg Paolo Zamboni met een revolutionaire theorie over het ontstaan van Multiple Sclerose (MS). Aan deze ziekte lijden in Nederland meer dan 16.000 mensen. Zamboni stelt dat MS niet wordt veroorzaakt door een ontregeling van het eigen immuunsysteem maar door vernauwde aders in de hals en in de hersenen, een syndroom dat hij chronische cerebro-spinale veneuze insufficiëntie (CCSVI) noemt. Hierdoor stroomt het bloed langzamer terug naar het hart of zelfs de verkeerde kant op, wat ijzerstapeling in het omliggende hersenweefsel en zo ontstekingen in de hersenen zou veroorzaken. Volgens Zamboni heeft 100% van de MS-patiënten CCSVI. Hij geeft ook aan welke behandeling nodig is: dotteren van de vernauwde aders, de zogenoemde Liberation Treatment. Sindsdien hebben wereldwijd duizenden MS-patiënten deze ingrijpende en vaak kostbare behandeling ondergaan, in de hoop van CCSVI en MS te herstellen. Nederlandse patiënten weken uit naar (privé)klinieken in omringende landen, omdat de behandeling hier niet wordt aangeboden.
Wetenschappelijke publicatie en prijs voor neuroloog MMC
Eensluidend wetenschappelijk bewijs voor de theorie van Zamboni en daarmee het nut van de door hem voorgeschreven behandeling is er echter niet. Medisch specialisten zijn dan ook niet overtuigd. De onderzoeksresultaten van Zamboni (100% CCSVI bij MS-patiënten) blijken in talrijke, wereldwijd uitgevoerde onderzoeken niet te reproduceren. “Ook niet door ons, terwijl wij zijn onderzoek zeer nauwgezet hebben herhaald en het als eerste ter wereld zelfs verder hebben uitgebreid”, zegt Van den Berg. Zij publiceert haar bevindingen nu in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift European Journal of Neurology (editie maart 2013). Recentelijk kreeg zij de prof. Van Buchemprijs van het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg. Dit is de prijs voor het beste wetenschappelijke onderzoek van het afgelopen jaar.
Naar Italië
“Zamboni stelt dat niemand zijn bevindingen kan reproduceren omdat men zijn echotechniek niet beheerst”, zegt Van den Berg. “Om dat argument de wereld uit te helpen hebben wij ons onderzoek anders aangepakt. Ik ben tot twee keer toe naar Italië gegaan om van Zamboni zelf te leren hoe je de benodigde echo -Doppler, een zogenoemde ECD, moet maken en waarop je moet letten om afwijkingen te kunnen ontdekken. Zijn techniek is zeer moeilijk, we hebben hard moeten trainen om het ons eigen te maken. Volgens Zamboni was ik -samen met een collega uit Nieuwegein- de eerste neuroloog die aan zijn workshop deelnam. Tot dan toe leerde hij alleen radiologen, vaatchirurgen en vaatlaboranten deze echotechniek aan.”
Groot CCSVI-onderzoek in Tilburg
Naar aanleiding van de theorie van Zamboni startte in september 2010 in het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg een groot onderzoek naar de relatie tussen MS en afwijkingen in de bloedvaten (CCSVI). Het onderzoek, dat werd gefinancierd door het Nationaal MS-fonds, stond onder leiding van neuroloog dr. Leo Visser. Lennie van den Berg, toen nog neuroloog in opleiding in het St. Elisabeth, voerde een groot deel van het onderzoek uit. 90 patiënten met MS en 41 mensen zonder MS (de ‘controles’) werden allemaal met behulp van de echotechniek van Zamboni onderzocht. Ieder echo-onderzoek duurde ongeveer een uur. Er werd daarbij een echo gemaakt van de halsaders en de aders in de hersenen. “We hebben het onderzoek daarna nog verder uitgebreid: na gemiddeld 16 weken hebben we bij 58 mensen met MS en 28 controles zonder MS het hele echo-onderzoek herhaald. We wilden daarmee het natuurlijk beloop van de eventueel gevonden afwijkingen in de aders beoordelen. Dit is nog niet eerder gedaan, ook niet door Zamboni zelf.” Naast de echo’s werd bij alle deelnemers het ijzergehalte in het bloed onderzocht. “Bij MS kan het ijzergehalte in het bloed ontregeld zijn, daarom verwachtten we dat we bij patiënten met MS én CCSVI zeker een verhoogd ijzergehalte zouden vinden.” Ook werd er gekeken naar perifeer vaatlijden in de benen. Van dat laatste is bewezen dat dit tot ijzerstapeling rondom de aders in de benen kan leiden. “Net als bij CCSVI is er bij perifeer vaatlijden sprake van verminderde terugvloed van bloed naar het hart. We wilden weten of er een relatie is tussen perifeer vaatlijden en CCSVI.”
Onderzoeksresultaat  weerlegt Zamboni’s theorie
Van den Berg stelde in haar onderzoek vast dat slechts 8 (9%) van de 90 patiënten met MS ook CCSVI had. Van de 41 controles zonder MS had niemand CCSVI. Daarmee weerlegt zij Zamboni’s theorie dat iedereen met MS CCSVI heeft. Met betrekking tot de patiënten die CCSVI hadden ontdekte Van den Berg wel een aantal opvallende zaken: de duur van de ziekte bleek bij hen langer dan die van de MS-patiënten zonder CCSVI, de mate van klachten ten gevolge van de MS was ernstiger en de vorm van MS progressiever. De patiënten met CCSVI bleken ook iets vaker lichte tekenen van perifeer vaatlijden in de benen te hebben in vergelijking met de MS-patiënten zonder CCSVI. Er bleek geen relatie te bestaan tussen het ijzergehalte in het bloed en het wel of niet hebben van CCSVI en het wel of niet hebben van MS. Concluderend stelt Van den Berg dat CCSVI een bijverschijnsel is van MS, in plaats van de oorzaak.
CCSVI blijkt te fluctueren in de tijd
Na ongeveer 16 weken werd het hele onderzoek herhaald bij 58 patiënten met MS en 28 controles zonder MS. Geen van de patiënten was in de tussenliggende periode voor CCSVI behandeld. De resultaten van de vervolgstudie zijn opvallend: bij maar 2 van de 5 opnieuw onderzochte MS-patiënten die op de eerste echo CCSVI hadden, kon bij de tweede echo opnieuw CCSVI worden vastgesteld. Dit gold ook andersom: bij de tweede echo werd bij 2 MS-patiënten die bij de eerste echo geen CCSVI hadden nu wél CCSVI gevonden. Duidelijk werd dat de vernauwingen in de halsaders die tot de diagnose CCSVI leiden een natuurlijk beloop hebben en dus kunnen veranderen in de tijd. Dit is eens te meer reden om vernauwde halsaders niet te dotteren. De resultaten van de vervolgstudie verschijnen in een nieuw wetenschappelijk artikel, waaraan Van den Berg nu werkt.

Bron; MMC

6 maart 2013
door Dayenne
Geen reacties

Genetische factoren spelen rol bij multiple sclerose

Sommige MS-patiënten worden binnen een aantal jaren na de diagnose afhankelijk van een rolstoel, terwijl anderen tot dertig jaar na de diagnose vrijwel geen klachten ondervinden. Madeleine Klieverik onderzocht voor haar proefschrift in hoeverre genetische en omgevingsfactoren hierbij een rol spelen. Op 13 maart promoveert ze bij VUmc.

Multiple sclerose is een aandoening waarbij ontstekingen optreden in het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg), waarvan de oorzaak nog grotendeels onbekend is. Het beloop van MS wordt gekenmerkt door een zeer uitgebreide klinische variatie. Een aantal MS-patiënten zal binnen een aantal jaren na de diagnose rolstoelafhankelijk zijn, terwijl anderen tot dertig jaar na de diagnose (nog steeds) vrijwel geen klachten ondervinden. Ook is er een grote variatie in de locatie van de ontstekingen. Het wordt aangenomen dat genetische en omgevingsfactoren een rol spelen bij deze klinische en radiologische variatie.

Genetische markers
Klieverik keek naar het effect van genetische markers op een aantal klinische en radiologische kenmerken van MS, met als doel beter het beloop van MS te kunnen voorspellen. Ze onderzocht of een combinatie van genen het beloop van MS beter kan voorspellen. Ze heeft onder meer gevonden dat bepaalde genen (betrokken bij immuunregulatie), geassocieerd zijn met de aanwezigheid van ontstekingen in het ruggenmerg en met de aanwezigheid van ontstekingen op bepaalde locaties in de hersenen.

Ruggenmergafwijkingen
Het proefschrift laat daarnaast zien dat ruggenmergafwijkingen, zoals zichtbaar op MRI-scans, belangrijk zijn bij zowel de diagnose als prognose van MS.  Bij mensen met één aanval van MS-symptomen (klinisch geïsoleerd syndroom – CIS), waarbij op de MRI ook laesies in het ruggenmerg worden gezien (terwijl ze daarvan geen klachten hadden ervaren), hadden een hogere kans op het ontwikkelen van MS dan CIS-patiënten zonder ruggenmerglaesies.

Promovendus: M.H. Klieverik-Sombekke
Titel proefschrift: ‘Genetic and Imaging Markers of Multiple Sclerosis. Prognosis and Diagnosis’
Promotoren: prof.dr. C.H. Polman, prof.dr. F. Barkhof
Copromotoren: prof.dr. J.J.G. Geurts, dr.ir. H. Vrenken

Bron:VU MC